27 januari 2021 – Column Lincy Wingelaar: Korte lontjes
Wat begon als een vaag gerucht, eindigde in een definitief besluit. De avondklok, we kunnen er niet meer omheen. Het heeft een hoop los gemaakt onder de Nederlandse bevolking. Ik zag de korte lontjes al branden, maar nu exploderen ze. Eindhoven, Amsterdam, Den Haag, Zwolle, Den Bosch en Rotterdam staan inmiddels op zijn kop door de rellen. Deze genoemde steden vormen maar een kleine impressie van de huidige situatie. Er worden steeds meer steden opgetrommeld. Ik raak de tel kwijt. Men wil de vrijheid terug, maar ik als nuchtere West-Fries begrijp het niet. Waarom op deze manier?
Dat er korte lontjes ontstonden bij mensen merkte ik al gauw op. Ik keek mijn ogen uit in het plaatselijke winkelcentrum. Het begon bij onschuldige daden. De korte lontjes hielden geen anderhalve meter afstand, niesten en hoesten niet in hun elleboog en droegen op dringend advies geen mondkapjes. Het leek een soort stil protest. In de wandelhangen hoorde ik men alsmaar praten over de “belachelijke” maatregelen. Het was ‘het gesprek van de dag’. Soms wilde ik deelnemen aan het gesprek, maar mijn verstand hield dat tegen. Toen de mondkapjes eenmaal verplicht werden, begonnen de korte lontjes te roken. Men kreeg het benauwd door de mondkapjes, je herkende je eigen buurvrouw niet meer en je vergat zo’n mondkapje telkens weer. Ook ik trapte hierin. Ik moest drie keer kijken voordat ik mijn eigen vriend herkende. En dan heb ik het nog niet over de hoeveelheid keren ik mijn mondkapje was vergeten.
“korte lontjes, hou vol en gooi wat zand over jullie brandende lontjes”
In het nieuwe jaar ontstonden er geruchten over een avondklok. Een wat?! Ja, Ik kon het haast niet geloven. Mijn mond viel pas echt open toen ik een paar weken later het nieuws las. “De avondklok wordt definitief”. Sociale media overstroomden met boze uitspraken. Was de een nog niet boos, dan zorgde de ander daar wel voor. Ik dacht alleen maar: wat gaat er nu gebeuren? De korte lontjes rookte niet meer, ze begonnen te branden. Heel onschuldig hoorde ik in de wandelgangen iets over demonstraties. Ik snap dat men wil demonstreren en op legale wijze is dat toegestaan. Volgens artikel 9 van de Nederlandse Grondwet heeft iedereen het recht om te demonstreren. Maar onthoud dat aanzetting tot geweld daar geen onderdeel van is. Sinds zondagavond lijkt men dat vergeten te zijn. De korte lontjes zijn geëxplodeerd. Winkels, stations en auto’s worden vernield door relschoppers. Ze willen hun vrijheid terug, maar waarom op deze manier? Winkels hebben het al zwaar, waarom maken we het nog moeilijker voor hen? Auto’s en treinen geven ons het laatste beetje bewegingsvrijheid, dus waarom zouden we ze slopen? En waarom worden er politiemensen aangevallen? Zij hebben deze maatregelen niet bedacht. We moeten dit samen doen, als één land. Elkaar verder de problemen in werken, is niet de oplossing. Dus korte lontjes, hou vol en gooi wat zand over jullie brandende lontjes!
